29
Nov 16

Dag 215 Burp!

Tim heeft een dikke buik.
Weet je hoe dat komt?
Hij kreeg een flesje drinken van buurvrouw Wiep.
Tim dronk het in één keer leeg.
“Brrrrr,” riep hij, “dat prikt!”
Oei, zat er geen appelsap in het flesje dan?
Nee!
Limonade met bubbeltjes.
Nou is de prik weg uit zijn keel, maar Tim voelt zich zo rond als een ballon.
Hij drukt met een vinger in z’n buik.
“Burp,” klinkt het.
Er komt een beetje lucht uit de mond van Tim
Hij moet er heel hard om lachen.
“Laat je boertjes? “ roept buurvrouw Wiep, “dat is niet netjes hoor!”
Maar Tim hoort haar niet.

burp
Hij drukt, burpt en lacht aan één stuk door.
Dan is het klaar.
Tim kan drukken wat hij wil, maar er komt geen lucht meer.
Dat vindt hij wel een beetje jammer.
Maar buurvrouw Wiep is blij.
“Mag ik nog zo’n flesje met prik?” vraagt Tim
“Dacht het niet,” lacht buurvrouw Wiep.
Daar snapt Tim echt helemaal niks van, jij wel?


11
Nov 16

Dag 214 Een probleem?

Buurvrouw Wiep staat voor de open koelkast.
Ze kijkt naar binnen.
“Wat doe je!“ roept Tim.
“Nou,“ zucht buurvrouw Wiep, “ik denk even na, want ik heb een probleem.”
Tim snapt er niks van.
Hij gaat naast buurvrouw Wiep staan en kijkt naar al het lekkers.
“Ligt er een probleem in de koelkast?” vraagt hij, “hoe ziet dat er uit?”
Buurvrouw Wiep moet lachen.
“Nee gekkie, als je een probleem hebt, dan gaat iets niet zoals je dat wilt.”
Ze wijst naar de tafel.
“Ik wil die appeltaart even bewaren in de koelkast, maar er is maar een klein plekje over.  De taart past er zo niet in!”
Oooo, is dat het probleem! Tim weet er alles van.
Laatst wilde hij even snel wat appeltjes in huis leggen en toen pasten ze niet door de brievenbus.
Dat was een groot probleem, want Tim had geen tijd om even naar binnen te lopen.
Hij wilde verder spelen.
Tim moet opeens lachen.
Hij weet precies wat hij kan doen om buurvrouw Wieps probleem op te lossen.
Net als met de appeltjes, gewoon wat kleiner maken.
Nog lekker ook!
Tim loopt naar de tafel en neemt drie grote happen van de appeltaart.
Hap, hap en hap.
tim-probleem

Ojee,
Er is bijna geen taart meer over.
Maar dat is helemaal niet erg.
Nu past hij wel in de koelkast.
Tim kijkt blij naar buurvrouw Wiep.
Maar die kijkt heel boos.
Oei, Tim heeft geloof ik een probleem.
Uhhhh……gauw wegwezen Tim!


04
Nov 16

Dag 213 Goeie grap Tim!

“Ik ken een mop!” roept Tim naar buurvrouw Wiep, die buiten de was aan het ophangen is.  “Zal ik hem vertellen?”
“Ja graag!” zegt buurvrouw Wiep, “ik heb nog helemaal niet gelachen vandaag.”
Dat vindt Tim een beetje  gek.
Hij moet zelf heel vaak lachen op een dag.
Om poes Loes als ze rare gezichten trekt.
Of om zichzelf, als hij een stukje brood in de appelsap laat vallen.
Als er een duizendpoot over zijn buik loopt, want dat kietelt.
Om de grapjes van de postbode.
Of als iemand schrikt van zijn lange staart.
Om de verhaaltjes van Dikkie  Dik .
Of als iemand een goeie grap maakt.
Tim moet alweer lachen als hij aan al die leuke dingen denkt.

lachen-mop

“Nou, komt er nog wat van?” vraagt buurvrouw Wiep.
Huh, waarvan?
O ja, nu weet Tim het weer. Hij zou een mop vertellen.
“Uhhh,” zegt Tim en dan nog eens “Uhhhh…. o,o, ik ben um vergeten!”
“Hahahahaha,” lacht buurvrouw Wiep, “dat is nog eens grappig.”
Vrolijk zwaaiend loopt ze naar binnen.
Tim moet ook lachen.
Om zichzelf en om de mop die al leuk was zonder dat hij hem had verteld.
Hahahaha.
Goeie grap Tim!


03
Nov 16

Dag 212 Tim leert borduren

Buurvrouw Wiep zit aan tafel.
Ze heeft een lapje stof in haar hand.
Op het lapje staat een bloem.
Een bloem gemaakt van allemaal kleine kruisjes.
Tim vindt het erg mooi.
“Mag ik ook van die kruisjes maken?” vraagt hij.
“Tuurlijk,” zegt buurvrouw Wiep, “dat heet borduren.”
Ze geeft Tim een stukje stof en een naald met een draad er in.
Eerst laat ze zien hoe het moet.
De naald verdwijnt onder het lapje en dan prikt buurvrouw Wiep ermee door de stof.
Ze pakt de naald aan de bovenkant vast en trekt er aan.
Dan steekt ze de naald weer naar beneden.
Op en neer, van boven naar beneden en van beneden naar boven, steeds op een ander plekje in de stof.
Zo maakt ze kruisjes.

borduursteek

“Oooowwww,” zegt Tim, “dat is makkelijk.”
Hij gaat meteen aan de slag.
Tim maakt een hartje.
Zo Tim, dat is knap.
“Lukt het?”  vraagt buurvrouw Wiep.
“Ja zeker,” lacht Tim. Hij wil het hartje laten zien.
Maar dat gaat niet.
hartje-trui
O, o
Het zit vast aan zijn trui.
Och Tim je hebt het lapje aan je trui vast geborduurd!
Wat nu!
Maar Tim vindt het niet erg.
“Nu is mijn trui nog mooier!” roept hij blij.
Buurvrouw Wiep schudt haar hoofd.
Gekke Tim.


01
Nov 16

Dag 211 Rond als een appeltje

Tim zit op het gras.
Hij denkt na over iets wat buurvrouw Wiep hem heeft verteld.
Ze zei..
“Tim weet je wel dat de aarde zo rond is als een bal?”
Dat wist Tim niet.
En hij vindt het ook heel gek.
Waarom vallen de mensen er dan aan de onderkant niet af!
Die hangen toch op hun kop?
Tim snapt er niks van.
Er zit maar één ding op.
Hij gaat zelf een kijkje nemen.
Tim pakt een schop en begint te scheppen in het gras.
Hij schept een gat
Een heel diep gat.

tim-graven1

“Wat doe je Tim?” vraagt buurvrouw Wiep.
“Ik ga naar de andere kant van de aarde,” roept Tim.
“Zo gaat dat niet gekkie,” zegt buurvrouw Wiep lachend.
Tim klimt weer op het gras.
Waarom kan dat niet, moppert hij.
En nou is het grasveld ook nog stuk.
“Weet je wat?” zegt buurvrouw Wiep, “we halen een grote appelboom en die stoppen we met de voetjes in dat mooie gat en dan heb je volgend jaar je eigen appels.”
Wat een goed idee.
“Ronde appeltjes, net als de aarde,” lacht hij blij.
Goed bedacht hoor Tim!


29
Okt 16

Dag 210 hupperderhop

Tim heeft jeuk.
Jeuk op zijn rug.
Zomaar ineens, hele erge vreselijke kriebeljeuk.
En weet je wat nog erger is?
Hij kan er met zijn hand niet bij.
En ook niet met zijn staart.
Hoe moet Tim nou krabben!
Pffff wat stom!
Tim denkt heel hard na en dan…. gaat hij op zijn rug liggen.
Met beide voeten plat op de grond.
Hup doet z’n ene voet.
Tim schuift wat op.
Hop doet z’n andere voet.
En weer schuift Tim wat op.
Dat is fijn, de jeuk gaat weg!

rug-schuivenHup hop hup hop hup hop.
Tim schuift op zijn rug de kamer uit en huphopt zo naar buiten.
Zeg Tim, zou je niet eens stoppen met dat gehupperdehop?
Maar Tim schudt zijn hoofd.
“Nee hoor, straks krijg ik weer jeuk,” lacht hij , “ik houd pas op als het bedtijd is!”
Tjonge, dat is wel een beetje overdreven van Tim, vind je ook niet?


14
Okt 15

Dag 209

bikinimuis


01
Mrt 15

Dag 208

Kim Kuiken voelde zich niet fijn.
Ze had een bleke verensnuit
en klopte op haar kuikenbuik.
o grote grutten, dat deed pijn!
Iets moest er poepsnel uit!

Kim kreunde zachtjes van de schrik.
Wat was er aan de hand?
Ze schoot onder een bessenstruik.
Haar kuikenkont werd dubbeldik
het duurde maar een ogenblik en iets viel in het zand.

kuiken

“Van harte!!!” riep een oude kip.
Ze keek tussen de takken door.
“Daar ligt je eerste ei!
Wat ging het goed, nu ben je kip
en je mag trots zijn hoor!”

Maar Kim dacht, nou, bekijk het maar!
Dit was de laatste keer.
Geen eitjes-leg-gedoe voor mij.
Alles doet zeer, ik voel me naar.
Ik blijf een kuiken werk’lijk waar, dit doe ik echt nooit weer!


27
Feb 15

Dag 207

Kornoeltje kip zat in haar huis.
Ze keek eens rond en tokte boos,
“Het is hier stom en kleurtjesloos!
Mijn huisje voelt niet als thuis.”

Ze schoof wat eieren aan kant
en haalde alles uit haar hok,
de legbak en haar slaapjesstok.
Ze veegde veertjes, poep en zand

En toen, Kornoel was nog niet moe,
bracht ze wat rommel naar de schuur.
Boende de vloer, verfde een muur
en vloog snel naar de winkel toe.

Daar kocht ze alles wat ze wou.
Een schemerlamp, breedbeeldtévé,
een waterbed, geschikt voor twee,
behang met bloemen in het blauw.

Een schilderij van een konijn.
Zes kussens en een boekenplank,
Twee glazen en een fijne bank.
en grote flessen bessenwijn.

Ze deed er nog een deken bij,
een radiootje en een stoel.
“Dit was het hoor!” tokte Kornoel,
“Breng deze handel maar naar mij!”

Kornoeltje kip zit in haar huis
Ze kijkt tevreden in het rond
Het is gezellig, knus en bont
Een superheerlijk kippenthuis!

kip-thuis

 


25
Feb 15

Dag 206

Ik heb een zusje, ze is stom!
Ik wil haar niet, weet je waarom?

M’n zusje trekt me aan het haar,
gooit al m’n auto’s door elkaar.
Ze scheurt mijn tekeningen stuk,
kijk ik TéVé, dan danst ze druk,
of gaat breed voor het beeldscherm staan
en kijkt me tong-uitstekend aan.

Soms roep ik MAM, ze doet het weer!
Dan zegt mijn mama keer op keer.
Joh doe eens leuk, ze is nog klein.
Ze mag best wel ondeugend zijn
en geeft mijn zusje snel een kus.
Die lacht dan blij, zo gaat dat dus.
Das toch oneerlijk en gemeen?
Ik wil een MAM voor mij alleen!

M’n zusje komt soms naar me toe.
Dan is ze al een beetje moe
en weet niet wat ze spelen zal.
Niks wil ze dan, geen pop, geen bal.
Alleen maar zitten op mijn schoot.
Ze vindt mij lief en ook heel groot
en als ik dan een tijdje wacht,
valt ze in slaap en zing ik zacht:

Ik heb een zusje,  ze is klein.
Ze houdt van mij en dat is fijn!

broertje-en-zusje1Recovered